In 2024 verscheen op deze website al een artikel over de start van het project rond de resolutieboeken vanaf 1629 door de paleografiegroep. Daarin werd aandacht besteed aan het ontstaan en de samenstelling van de groep. Kort samengevat zijn we als groep in augustus 2022 begonnen met het beschrijven van de resoluties van het stadsbestuur die zijn vastgesteld in de tweede helft van het, voor de stad Amersfoort, rampzalige jaar 1629. De resoluties uit 1629 staan sinds april 2024 op de website.
Sindsdien hebben we niet stilgezeten. De groep heeft in de loop van 2024 versterking gekregen als aanvulling op de ‘eigen kweek’. Er was een welkome aanvulling in de personen van Renée Schreuder, Martha Padmos en Henk Otjens, mede door hun vaardigheid in het ontraadselen van het 17e-eeuwse schrift en in hun enthousiasme voor de stadsgeschiedenis. Vanaf april 2024 zijn we verdergegaan met het beschrijven van de resoluties uit het jaar 1630. Deze hebben we nu in januari 2026 afgerond. Ter vergelijking: voor het jaar 1629 werden in iets meer dan anderhalf jaar 66 pagina’s aan resoluties beschreven, terwijl dit voor het jaar 1630, 200 pagina’s waren in nog geen twee jaar. Dit wijst erop dat het tempo in de loop der tijd is toegenomen.
Het jaar 1630 bestond voor Amersfoort op de eerste plaats uit de naweeën van de Spaanse bezetting in augustus 1629. De financiële positie van de stad en de bevolking is belabberd na de geleden schade door de plunderingen en de opgelegde vorderingen door de bezetters. De financiële positie stond ook onder druk door de bijdrage van Amersfoort aan de oorlogslasten van de Staten-Generaal. Er was in augustus sprake van een oproerige stemming met name onder gilden. Met afgevaardigden van de Staten van Utrecht vond er zelfs crisisberaad plaats. De voedselvoorziening was ook een probleem door de schaarste aan graan. Dit leidde uiteindelijk tot een gewestelijk verbod op de uitvoer van graan.
Ook andere onderwerpen bleven door het jaar 1630 heen terugkeren. Dit was onder andere het bestuur van Amersfoort: de positie van Amersfoort als stad en als lid van de Staten van het gewest Utrecht (en via het gewest ook vertegenwoordigd in de Staten-Generaal), neemt een flink aantal pagina’s in beslag. Het stadsbestuur vocht hier voor zijn eigen standpunten en zijn zelfstandigheid. De rol van de stadhouder was een apart probleem.
De zorg voor de waterafvoer door goten en geulen was een constant gegeven en werd vaak per straat georganiseerd. Onder de openbare werken viel ook de demping van de gracht tussen de Bloemendalsestraat en Spui, tegenwoordig ‘t Zand.
Een ander terugkomend gegeven was de armenzorg en het weren van vreemde armen van buiten de stad, het onderbrengen van wezen binnen de stad en steun uit de armenkas voor degenen die daarvoor in aanmerking kwamen.
Regelmatig vroegen ambachtslieden en ondernemers van buiten de stad het burgerrecht en het lidmaatschap van een gilde aan. Dit werd door het stadsbestuur verstrekt tegen betaling en na het zweren van een eed als burger.
Elf jaar na de Synode van Dordrecht die de rol van het calvinisme nog eens duidelijk vastlegde werden er nog steeds maatregelen nodig geacht tegen de katholieke inwoners van Amersfoort.
Een hoofdpijndossier vormde Gerard Thiens, die een watermolen bij de Koppelpoort had mogen plaatsen onder bepaalde voorwaarden. Gerard Thiens, afkomstig uit de zuidelijke Nederlanden was een belangrijke ondernemer en ook lid van het stadsbestuur vanaf 1629, schuwde hierin de confrontatie niet.
Het bovenstaande is een kleine selectie van de boeiende gebeurtenissen die bij lezen van het oude schrift passeerden en uitgepuzzeld moesten worden. Het was niet alleen een kwestie van ontcijferen van het oude schrift maar ook antwoorden vinden op de vragen wat er eigenlijk aan de hand was of wat er in de resolutie bedoeld werd.
Ton Reichgelt